Naar de inhoud
Buon Italiaans

Lidwoorden in het Italiaans: il, lo, la en un, una

Elk Italiaans zelfstandig naamwoord is mannelijk of vrouwelijk. Het lidwoord hangt daarvan af, en ook van de eerste letter van het woord. "De" is dus il, lo, l’, la, i, gli of le.

Mannelijk of vrouwelijk? Maschile o femminile

Woorden op -o zijn meestal mannelijk en woorden op -a meestal vrouwelijk. Woorden op -e kunnen allebei zijn, die leer je met het lidwoord erbij.

Mannelijk: il, lo en l’ Il, lo, l’

Meestal gebruik je il, in het meervoud i. Voor een klinker wordt het l’, en voor een s plus medeklinker of een z wordt het lo. In die twee gevallen is het meervoud gli.

Vrouwelijk: la en l’ La, l’

Vrouwelijke woorden krijgen la, en voor een klinker l’. Het meervoud is altijd le.

Een: un, uno, una en un’ Un, uno, una

Mannelijke woorden krijgen un, of uno voor een s plus medeklinker of een z. Vrouwelijke woorden krijgen una, of un’ voor een klinker.

Uitzonderingen Le eccezioni

Een aantal veelgebruikte woorden volgt de regel niet.

Test jezelf

Vijf korte vragen uit deze les.

Veelgestelde vragen

Wanneer gebruik je lo in het Italiaans?

Voor mannelijke woorden die beginnen met een s plus medeklinker, een z, gn, ps of y: lo studente, lo zio, lo gnomo.

Wat is het meervoud van il, lo en la?

Il wordt i, lo en mannelijk l’ worden gli, en la en vrouwelijk l’ worden le. Meer voorbeelden staan bij enkelvoud en meervoud.

Is een woord op -e mannelijk of vrouwelijk?

Dat kan allebei: il fiore is mannelijk en la notte vrouwelijk. Leer zulke woorden daarom met het lidwoord erbij.

Verder oefenen